De executieve functies van senior-leraren zijn op topniveau.
Deze stelling klopt niet.
Het onderzoek naar de executieve functies binnen de volwassenheid focust zich op (a) hoeveel informatie iemand kan manipuleren in zijn werkgeheugen, (b) de mate waarin iemand irrelevante informatie en gedrag kan negeren (=inhibitie) en (c) het gemak waarmee iemand zijn aandacht flexibel kan switchen wanneer een situatie hierom vraagt.
Onderzoek bevestigt dat de 3 beschreven componenten van de executieve functies afnemen met de leeftijd in de middenvolwassenheid (40-60jaar). Een verminderde werking van het werkgeheugen hangt samen met een verminderde reactiesnelheid waardoor de hoeveelheid informatie waarop de senior-leraar zich tegelijk kan concentreren beperkter wordt.
In het dagelijks leven zorgen de moeilijkheden met inhibitie ervoor dat senior-leraren gemakkelijker afgeleid zullen zijn. Er zullen ook makkelijker niet-relevante elementen in het werkgeheugen komen en hierdoor zal de capaciteit van het werkgeheugen extra belast worden.
Tot slot zal ook het flexibel switchen van de aandacht uitdagender worden met
de toename van de leeftijd, vooral in situaties waar de aandacht verdeeld moet
worden over twee verschillende activiteiten.
Bronnen:
Viac,
C. & P. Fraser (2020), "Teachers' well-being: A
framework for data collection and analysis", OECD Education
Working Papers, No. 213, OECD Publishing, Paris, https://doi.org/10.1787/c36fc9d3-en
Klik hier om terug te keren naar het overzicht van de literatuur en meer stellingen door te nemen.
